Arja de Ruiter is een bijzondere mantelzorgvervanger. Wat haar bijzonder maakt is niet alleen haar tomeloze inzet en oog voor de cliënt, maar ook dat ze ervaring heeft vanuit de ontvangende kant. Als mantelzorger was ze er jarenlang voor haar man en haar autistische zoon. Het was een gespecialiseerde verpleegkundige die mevrouw de Ruiter destijds in contact bracht met Handen in Huis.
Want: het gezin ging elk jaar met hun zoon op vakantie, maar voor meneer de Ruiter was dit niet meer haalbaar. Om het jaarlijkse reisje toch door te kunnen laten gaan, werd Handen in Huis ingeschakeld: ‘We lachten erom: van de ene mantelzorg naar de ander. Maar mijn zoon had minder zorg nodig dan mijn man. In alle jaren dat Handen in Huis kwam, was het altijd fijn en goed. De mantelzorgvervanger luisterde naar de wensen van mijn man, en ik wist dat ik hem met een gerust hart achter kon laten. Toen al heb ik gezegd: wanneer het einde van mijn man daar is, en ik ben tot rust gekomen, ga ik me aanmelden als vrijwilliger.’
Van mantelzorger naar mantelzorgvervanger
Mevrouw de Ruiter hield woord, en is nu zo’n anderhalf jaar actief voor Handen in Huis. Ze vertelt: ‘Ik vind het een heerlijke taak. Je bent steeds in een andere omgeving en ziet steeds andere mensen met hun eigen zorgbehoeften. Je voelt je nog nodig in het leven. Soms ben ik ergens een paar dagen, soms een week. Dan neem je afscheid en ga je weer naar je eigen bedoeningen. Dat vind ik prettig. En wanneer de mantelzorger thuiskomt, met een blos op het gezicht en iets minder gestresst door de zorgen, dan denk ik “Het is goed geweest”. Dat gevoel had ik zelf ook altijd. Dat ik dat een ander kan geven, geeft veel voldoening.’
De mantelzorgvervanging bij familie Oosterhof is niet zodat meneer op vakantie kan, maar zodat hij kan werken. Voor zijn baan is hij veel onderweg, soms ook enkele dagen naar het buitenland. Maar ook al is hij aan het werk, hij is in een andere omgeving en kan het zorgen even loslaten. Mevrouw de Ruiter vertelt: ‘We kunnen het met elkaar goed vinden. Als ik twee adressen tegelijk krijg aangeboden, dan ga ik toch het liefst naar Oosterhof. Het is dichtbij en er is een fijne klik.’
Ze gaat verder: ‘Het voelt alsof ik kan doorgeven wat ik zelf heb ontvangen. Mijn ervaringen van toen neem ik nu mee. Ik weet nog dat een mantelzorgvervanger vroeg of mijn man van pannenkoeken hield. Voor hij het wist stond ze een stapel te bakken. Vanuit die fijne ervaring ben ik hetzelfde gaan doen. Niet voor de cliënt bepalen wat we die avond eten, maar vragen wat iemands wensen zijn, bijvoorbeeld. Zorgen is een taak waar door veel mensen op wordt neergekeken, maar zij hebben geen idee wat je voor een ander doet. Dat iemand met een gerust hart weg kan gaan.’
Inmiddels is mevrouw de Ruiter al bijna twee jaar een bekend gezicht voor de familie Oosterhof. Mevrouw de Ruiter lacht: ‘Vooral met mevrouw is er een goede klik. Meneer zie ik alleen wanneer ik kom. Dan loopt hij wat gestresst rond om zijn spullen te verzamelen, en kijken mevrouw en ik lachend toe. Wanneer hij is vertrokken, bedenken wij wat we die dag gaan doen. We drinken samen koffie, ik help haar met het roken van een sigaretje. Dat vind ik geen probleem: als zij dat nou lekker vindt? De thuiszorg komt, ‘s middags belt haar zus regelmatig, en we kletsen veel. Dan ga ik het eten klaarmaken en eten we samen. Het moet fijn zijn, de band is heel belangrijk.’
Het werk van Handen in Huis
Om te zorgen dat de klik er is, of in elk geval het vertrouwen dat die klik kan komen, gaat elke mantelzorgvervanger eerst kennismaken met een mogelijke nieuwe cliënt. Daarbij is het van beide kanten aftasten of de klik er is. Wanneer dat zo is, gaat de vrijwilliger aan de slag. Na de eerste zorgafspraak wordt opnieuw gekeken of de zorgvrager en mantelzorgvervanger bij elkaar passen. Mocht dat toch niet zo zijn, dan wordt de verbinding afgesloten. Werkt het wel, dan kan de mantelzorgvervanger vaker bij de cliënt worden ingepland.
‘Het lijkt mij goed dat het feit dat Handen in Huis bestaat, meer landelijke bekendheid krijgt. Of dat nu via gemeentes of ziekenhuizen gaat. Juist doordat ik daar toevallig de tip kreeg om te gaan bellen, kende ik de organisatie. Maar niet iedere gespecialiseerde verpleegkundige of arts is op de hoogte. Zelf heb ik alle folders bij de organisatie aangevraagd, en deze naar alle huisartsen in het dorp gebracht. ‘Bij een aantal zie ik ze nu keurig in het schap hangen.’
Ze gaat verder: ‘Doordat we de mantelzorger de kans geven om afstand te nemen, kan hij of zij de zorg langer volhouden. Zo zorgen we er samen voor dat er op de lange termijn minder professionele hulp nodig is.’ Wat mevrouw de Ruiter het belangrijkst vindt in haar werk voor Handen in Huis? Daar is ze stellig in: ‘Rekening houdend met de beperkingen, de tijd zo aangenaam mogelijk maken. Met het eten, als we samen ergens heen gaan: ik wil de dingen zo goed en gezellig mogelijk regelen’.
Een zorg minder door jou
Wil jij je ook inzetten als mantelzorgvervanger, en zo de zorgen van een ander verlichten? Meld je aan als vrijwilliger!
< Alle verhalen